Kennis staat niet op de balans

De oude rot in het vak

Een bedrijf bestaat uit meer dan gebouwen, machines en geld. Een groot deel van de waarde zit in de ervaring van de mensen die er werken. Die kennis staat meestal niet op papier en ontstaat door jarenlang werken, fouten maken, problemen oplossen en die ervaring doorgeven aan nieuwe collega's.

Als jonge constructeur leerde ik van iemand met tientallen jaren praktijkervaring binnen enkele minuten precies waar een ontwerp zou gaan vastlopen in de praktijk. Niks theorie, puur een brok praktische kennis.

De herinnering is levendig, een ontmoeting met een oude rot in het vak ging dan ongeveer zo: "Je moet daar extra opnamegaten maken voor een lasmal en de lossingshoek van die rand is niet groot genoeg", en dan mopperend erachteraan: "Je hebt ook helemaal niks aan die jongelui, je moet ze echt alles leren."

Zulke mensen voorkwamen dat oude en vooral kostbare fouten terugkwamen. Extreem waardevol maar niet genoteerd op de balans.

Die praktijkkennis verdwijnt wanneer bedrijven vluchtiger worden georganiseerd. Aandeelhouders die vooral op financieel rendement sturen, versterken dat proces: reorganisaties volgen elkaar sneller op, medewerkers worden eerder als kostenpost gezien en langdurige binding met het bedrijf verliest aan waarde. Daarmee verdwijnt ook kennis die soms in tientallen jaren is opgebouwd. En zo moet dezelfde les steeds opnieuw worden geleerd. Garantie-claims, terugroepacties, ze drukken zwaar op bedrijfsresultaten - en op het aanzien van een merk.

Als kapitaal de baas wordt

Vakmanschap verdwijnt niet van de ene op de andere dag. Het verdwijnt medewerker voor medewerker. Dat roept een bredere vraag op... Welke rol heeft kapitaal eigenlijk in een onderneming? Een goede investeerder begrijpt dat hij kapitaal levert, maar dat de kennis over producten, productie en klanten in de onderneming zelf zit. Zijn belang is een gezonde onderneming op de lange termijn. Problemen ontstaan wanneer een bedrijf vooral als financieel bezit wordt gezien. Dan verschuift de aandacht naar rendement op korte termijn.

De waarde van ervaren medewerkers is moeilijk in cijfers te vangen en komt niet op de balans. Juist daarom wordt daar vaak op bezuinigd. De financiële winst is snel zichtbaar, maar het verlies aan vakmanschap en innovatievermogen zie je dan vele jaren later.

En het is niet alleen vakmanschap dat verdwijnt, een bedrijf gedreven door korte termijnwinst is dan niet meer de plaats waar je met hart en ziel je energie instopt, maar de plaats waar je van 9 tot 5 je geld verdient en niets meer dan dat.

Kennis verhuist mee

Als productie verplaatst wordt, dan verplaatsen niet alleen machines. Uiteindelijk verhuist ook de kennis. Productie is meer dan maken. Tijdens het maken ontstaan verbeteringen, inzichten, innovaties. Als die activiteiten langdurig buiten het democratische kernblok worden ondergebracht, verhuist niet alleen werk, maar ook het leerproces zelf. Zo versterk je elders een kennis-ecosysteem dat op termijn een concurrent wordt.

Van bedrijfsbelang naar democratisch belang

Maar dat probleem is groter dan één onderneming. Democratieën zijn voor hun welvaart en veiligheid afhankelijk van een sterke industriële en technologische basis. Wie kennis structureel buiten het democratische kernblok laat groeien, verzwakt uiteindelijk ook de democratie waar je nota bene zelf van afhankelijk bent.

Geld is relatief eenvoudig aan te trekken, kennis daarentegen kost tientallen jaren om op te bouwen en is veel moeilijker terug te kopen als het eenmaal is verdwenen.

Dat maakt kennis niet alleen een bedrijfsmiddel, maar ook een strategisch bezit van de democratie.