Schroefdraad

Je staat bij de loodgieter en die vraagt of het een halfduims aansluiting is. Je denkt dat als een inch duims is en een inch 25.4 mm is, dan is halfduims 12.7 mm. Dus pak je je lineaal en kijkt of het in de buurt komt. Nee, het is bij lange na niet 12.7 mm en dus is je antwoord op de vraag van de loodgieter volmondig "nee". En dan te bedenken dat de loodgieter het bij het juiste eind had! Duimse maten hebben namelijk geen betrekking op de diameter van de draad maar op de diameter van de pijp waar de draad in zit. Dus er lijkt sprake van enige Britse logica. Echter door verbetering van materialen door de jaren heen was het mogelijk de diameter van pijpen te verkleinen waardoor er nu totaal geen verband meer is. Het enige houvast zijn tabellen.

Schroefdraad is er in enorm veel vormen en maten. De fitting van een gloeilamp, exotische draad op gasflessen van merk A om merk B buiten spel te zetten, evenwijdige draad of conische draad, enzovoorts.

Metrische draad

Gelukkig wordt metrische draad veel toegepast want het principe is makkelijk, de buitendiameter van de draad in millimeters komt in de buurt van de aanduiding. Zo is een bout M8 makkelijk te meten want de diameter zal dicht bij 8 mm liggen. Voor de klusser is metrische draad het handigst en met een doosje moeren en ringen, samen met een paar draadstangen is voor veel verbindingsuitdagingen een oplossing te bedenken. Er is ook een variant in de vorm van fijne schroefdraad maar die wordt niet veel gebruikt. Zelf draad tappen is bij tijden ook gewenst. De onderstaande maten zijn goed voor metalen. Bij kunststoffen kan een iets kleinere boordiameter gebruikt worden om zoveel mogelijk grip te houden. Bijvoorbeeld M5 boren met 4 mm. Bedenk dat composieten een voorzichtige benadering behoeven. Zo is een draadgat loodrecht op HPL geen probleem maar aan draadgat aan de zijkant van een plaat moet ruim getapt worden om splijten van het materiaal te voorkomen. Op die manier kan zelfs in hardhout een beperkte verbinding gemaakt worden.

Buiten-diam.

Spoed

Binnen-diam.

Boor-diam.

M1

0,25

0,729

0,75

M1,1

0,25

0,829

0,85

M1,2

0,25

0,929

0,95

M1,4

0,3

1,075

1,1

M1,6

0,35

1,221

1,25

M1,8

0,35

1,421

1,45

M2

0,4

1,567

1,6

M2,2

0,45

1,713

1,75

M2,5

0,45

2,013

2,05

M3

0,5

2,459

2,5

M3,5

0,6

2,85

2,9

M4

0,7

3,242

3,3

M4,5

0,75

3,688

3,8

M5

0,8

4,134

4,2

M6

1

4,917

5

M7

1

5,917

6

M8

1,25

6,647

6,8

M9

1,25

7,647

7,8

M10

1,5

8,376

8,5

M11

1,5

9,376

9,5

M12

1,75

10,106

10,2

M14

2

11,835

12

M16

2

13,835

14

M18

2,5

15,394

15,5

M20

2,5

17,294

17,5

M22

2,5

19,294

19,5

M24

3

20,752

21

M27

3

23,752

24

M30

3,5

26,211

26,5

M33

3,5

29,211

29,5

M36

4

31,67

32

M39

4

34,67

35

M42

4,5

37,129

37,5

Reguliere zeskantmoeren hebben de volgende gegevens. d is maat, p is spoed, m is dikte, s is steekwijdte, e is de grootste diameter.

d

p

m

s

e

M2

0,4

1,6

4

4,38

M3

0,5

2,4

5,5

6,08

M4

0,7

3,2

7

7,74

M5

0,8

4

8

8,87

M6

1

5

10

11,05

M7

1

5,5

11

12,12

M8

1,25

6,5

13

14,38

M10

1,5

8

17

18,9

M12

1,75

10

19

21,1

M14

2

11

22

24,49

M16

2

13

24

26,75

M18

2,5

15

27

30,14

M20

2,5

16

30

33,53

M22

2,5

18

32

35,72

M24

3

19

36

39,98

M27

3

22

41

45,63

M30

3,5

24

46

51,28

M33

3,5

26

50

55,8

M36

4

29

55

61,31

M39

4

31

60

66,96

M42

4,5

34

65

72,61

BSP

BSP-schroefdraad is redelijk gestandaardiseerd, BSP-draad is gangbaar. 1/4" draad (kwart-duims) heeft echter geen diameter van 1/4 inch (ofwel 25.4/4 mm)! De inch-maten hebben als basis een pijp met een inwendige diameter in inches waarbij schroefdraad aan de buitenkant gesneden werd. Een buis met een inwendige diameter van 1/4" had dus 1/4" draad. Omdat materialen verbeterden kon de wanddikte van de buis kleiner worden en daarmee de inwendige diameter groter worden. Resultaat: inch-maten zijn niet meer te herleiden door te meten. Daarom is de volgende tabel handig om - bij voorkeur met een schuifmaat - te controleren wat voor draad het is. D is de diameter in mm. Inch is de aanduiding. Echter, pas op dat er geen sprake is van NPT-draad. NPT-draad lijkt soms verraderlijk veel op BSP.

inch

D buiten

D binnen

1/16

7,723

6,561

1/8

9,728

8,565

1/4

13,157

11,445

3/8

16,662

14,95

1/2

20,955

18,633

5/8

22,911

20,589

3/4

26,441

24,12

1

33,249

30,292

BSP-draad kan parallel en conisch zijn. Achter BSP staat een "P" van "Parallel" of een "T" van "Tapered". Samenvattend zijn de volgende schroefdraadsoorten gangbaar: BSPP en BSPT.

Het meten van de diameter van type T moet aan het eerste deel van de draad. De coniciteit (hoek) is bij dit type 1:16 - dus een diameterverloop van 1 mm over een lengte van 8 mm - het is immers aan iedere kan van de draad 1:16.

Er zijn regels voor de bevestiging van buiten- en binnendraad.

  • Buitendraad P + binnendraad P = in orde
  • Buitendraad T + binnendraad T = in orde
  • Buitendraad T + binnendraad P = mag, zwakkere verbinding
  • Buitendraad P + binnendraad T = mag niet

Met andere woorden: Bij conische verbindingen is de mannelijke draad altijd conisch en mag de vrouwelijke draad zowel parallel als conisch zijn.

Schroefdraadafdichtingen kunnen gemaakt worden met een geschikt vloeibaar borgmiddel of met PTFE-tape, "teflontape". Het kan handig zijn om beiden te gebruiken waarbij het vloeibare borgmiddel zorgt voor de beste afdichting terwijl teflon er voor zorgt dat het toch nog redelijk los te draaien is. Naast deze afdichting bestaan er systemen met O-ringen, gewone ringen en - gestandaardiseerd - metaal op metaal met een conus die zorgt voor de afdichting.

De inhoud van deze site is zonder enige vorm van garantie beschikbaar onder zowel de GNU Free Documentation License als de Creative Commons Naamsvermelding-Gelijk delen-licentie